|
Riet
Water is dominant in het park. Langs alle
wateroevers worden metersdikke rietkragen aangetroffen. en deze bieden een uitstekende
beschutting voor veel leven. Tegen de Gooimeerdijk aan liggen uitgestrekte rietlanden.
deze worden elk jaar gemaaid om tot daken verwerkt te worden. Door verzuring van het riet
ontstaat veen, door verruiging ontstaat uiteindelijk een moerasbos. Dit soort rietland is
bij uitstek de favoriete woonplaats van de Kiekendief, het symbool van Flevoland. Nu het
water en de bodem nog voedselrijk zijn groeit het riet nog goed. Wanneer in de toekomst de
voedselrijkdom afneemt krijgen steeds meer bijzondere planten een kans om zich te vestigen
in dit uitgerekte rietgebied. Dan krijgt bijvoorbeeld de Rietorchis de kans. Het park past
aan op een uiterst orchideeënrijk stukje Flevoland, nabij de Waterlandse brug. Van
daaruit zijn deze beschermde planten in staat gebleken zich via het park richting
Almere-Haven en Stad te verplaatsen. Dit gebeurt met een snelheid van 50 meter per jaar.
Wanneer men over het Blanchardpad door het Kromslootpark fietst, ziet men naast riet ook
veel Koninginnekruid en distels.
|
|
Berenklauw
Als enkelingen arriveerden de berenklauw een jaar of 20 geleden, met
honderdduizenden nemen ze nu bezit van elke vierkante meter. Drie meter hoog, met
bladen langer dan 1 meter en schermen tot 1 meter in doorsnede, heerst het gewas in zijn
omgeving. Daarbij worden alle andere gewassen verdrukt. Natuurlijke vijanden heeft het
gewas tot op heden niet in ons land. Het sap van de berenklauw heeft bijzondere
eigenschappen. Komt het op de menselijke huid dan vindt er een chemische reaktie plaats,
waarbij dat deel van de huid niet meer in staat is om de brandende werking van de zon
tegen te gaan. Ingeval het sap op de huid terecht is gekomen, blijf dan uit de zon en was
de plek met water goed af. Blijf ook in de schaduw. Zo niet, dan ontstaan er blaren die
weken aan kunnen houden. |